
Vandaag presenteerde Formule 1 debutant US F1 haar eerste coureur. De 26-jarige Argentijn Jose Maria Lopez mag dit seizoen dankzij de steun van de Argentijnse regering en een paar grote Argentijnse sponsors instappen in de auto van US F1. De geruchten deden al enkele maanden de ronde, en na de inspanningen van zijn landgenoot en oud-Formule 1 coureur Carlos Reutemann om hem onder te brengen bij US F1 teameigenaar en goede vriend Peter Windsor werd de deal afgelopen week beklonken. Over een tweede rijder naast Lopez, die bij Renault als testrijder al Formule 1 ervaring opdeed, is nog niets bekendgemaakt.
Het is nog maar de vraag of Lopez dit seizoen de kans krijgt om tijdens de openingsrace op de startgrid te staan. De auto zal laat klaar zijn en in februari in Amerika de eerste meters maken, nadat het team overigens medio vorig jaar dacht de auto eind oktober klaar te hebben. Aan de auto wordt al een jaar gewerkt en volgens het team is het een zeer innovatieve auto. Dat kán goed uitpakken (zie Brawn GP in 2009) maar het is niet waarschijnlijk om aan te nemen dat men als volledig nieuw team (in tegenstelling tot Brawn, dat immers grotendeels op de structuur van het voormalige Honda team leunde) resultaten boekt.
Bovendien heeft US F1 geen Ross Brawn in dienst, toch de architect van het succes van Brawn GP en met onmiskenbare kwaliteiten. En daarover bestaat onder insiders in de Formule 1 toch de nodige twijfel als het gaat om de teameigenaren en initiators van US F1, Peter Windsor en Ken Anderson. Windsor, voormalig journalist, en Anderson, in het verleden teambaas van Ligier, worden niet altijd even serieus genomen en aan hun ambities zou door geldgebrek al snel een einde kunnen komen. Men heeft - net als bijvoorbeeld Campos - grote moeite het budget rond te krijgen, en deelname is dan ook nog geen zekerheid.
Op de steun van Bernie Ecclestone hoeft US F1 in ieder geval niet te rekenen. Ecclestone verklaarde al eerder dat een voortijdig einde aan de ambities van de debutanten voor de Formule 1 niet onoverkomelijk is en lijkt dus niet van plan de helpende hand uit te steken. Ecclestone gelooft immers dat tien stabiele teams genoeg zijn voor de Formule 1 en dat lijkt geen goed nieuws voor US F1. De tweede rijder zal dus een hoop geld mee moeten nemen om aanspraak te maken op een contract, maar of het genoeg zal zijn om in het komende seizoen aan de start te staan blijft vooralsnog een groot vraagteken.
Daarbij helpt het ook niet dat de relatie tussen de Formule 1 en de Verenigde Staten al decennia lang een getroebleerde is. Het leidde in het verleden tot lege tribunes en relletjes tijdens de toenmalige Amerikaanse GP's, met als voorlopig dieptepunt het optreden in Indianapolis in 2005, waarbij bandenleverancier Michelin de veiligheid niet kon garanderen en slechts de zes auto's die op Bridgestone banden reden zouden deelnemen. Een memorabele dag - helaas in negatieve zin, wat het publiek dan ook duidelijk liet merken. In 2007 werd de voorlopig laatste GP van de Verenigde Staten op de roemruchte baan verreden.
Bovendien komen Amerikanen alleen hun bed uit voor Amerikaanse sporten óf sporten waarbij Amerikanen grote kans hebben op de zege. Van dat laatste is al jaren geen sprake meer; het zal voor de meeste Formule 1 volgers flink nadenken worden om de laatste succesvolle (Noord-) Amerikaanse coureur op te noemen. De levensvatbaarheid van een Amerikaans Formule 1 team is dan ook discutabel, zeker in een tijd dat de sponsors niet in de rij staan zoals de meeste andere Formule 1 teams ook al hebben ondervonden maar vooralsnog claimt US F1 dat het allemaal goed komt. Dát zal de komende maanden echter nog moeten blijken.


















Geen opmerkingen:
Een reactie posten